Recht op de stad

Het betere plan voor wonen in Rotterdam

Vera (44): “Ik dacht dat ik stikte”

In de serie ‘Wonen in blessuretijd – verhalen van Rotterdammers’ interviewen we bewoners over hun persoonlijke wooncrisis. Deze keer het verhaal van Vera in het HKT-blok.

(Foto: Joke Schot)

“Zes jaar inschrijfduur had ik toen mijn vriend en ik uit elkaar gingen. Nog zes jaar woonde ik vervolgens antikraak. Zo lang moest ik inschrijfduur opbouwen om aan een fijne woning te komen. Twee met Trespa en verlaagde plafonds verknalde woningen wees ik af voordat een mij een thuisgevoel gaf. Dat gebeurde hier, bij dat glas in lood. De schuifdeuren vond ik een verdieping hoger en deze lambrisering achter wat plaatwerk. Ik klus graag en heb die mooie, karakteristieke stijl teruggebracht. Dat was negen jaar geleden. Ik werkte in het onderwijs; tot zeven jaar geleden, toen ik met een burn-out de Ziektewet inging. Nu leef ik van een bijstandsuitkering.” 

“Twee jaar geleden meldde ik me aan voor een klankbordgroep van bewoners. Ik dacht mee te mogen denken over zaken als dubbel glas. In plaats daarvan werden we in de eerste bijeenkomst voor een voldongen feit gesteld. Het HKT-blok zal een renovatie ondergaan. Dat betekent de sloop van alles behalve de voorgevel en nieuwbouw van kleine appartementen daarachter. Sindsdien ben ik volleerd geraakt in alles op woongebied, als actief lid van de bewonerscommissie. Die heeft in gesprek met Vestia enige verbetering in de situatie gebracht, onder andere door een recht op terugkeer te bedingen. Hopelijk leert Vestia van de geschiedenis met ons voor de toekomst. Mijn boosheid is verschoven van de woningcorporatie naar de politiek.” 

“Die ruimte daar heb ik pas vrijgemaakt om weer te gaan schilderen. Terwijl ik hier nog woon, wil ik ervan genieten. De kans dat ik in een woning die een thuis kan zijn terechtkom, is klein. Lange tijd dacht ik in het blok terug te keren, maar gaandeweg werd me duidelijk wat dat inhoudt. Tijdelijk wonen trek ik niet meer. Ik wil niet twee keer verhuizen. Ik wil niet wonen aan de andere kant van het blok zoals Vestia voorstelt, aan een smalle straat met een donker balkon. Ik wil ook niet een fijne woning waaruit ik weer moet vertrekken zodra die wordt voorzien van een hoger energielabel voor rijkere bewoners. Ik wil zo graag een keus waarop ik straks in de beperkte periode met urgentie of vervolgens drie maanden met woonbemiddeling bijna geen kans maak, een die geen verslechtering van mijn situatie betekent. Ik wil rust! Ondertussen heb ik nog niet één keer een penseel opgepakt.” 

“Ik heb het gevoel dat Rotterdam me niet wil, er niet bij te horen. Zelf ergens een tiny house bouwen, is met de huidige bestemmingsplannen geen duurzame oplossing. Voor een renovatie die de bewoners hier graag willen zonder vernietiging van kapitaal en erfgoed is geen budget, maar ondertussen krijgt de directeur van Vestia heel veel geld. Tijdelijke verhuur kan woningnood niet oplossen. Mensen worden daar psychisch ziek van. Daarmee kunnen ze geen levensplannen maken. Ze hebben een thuis nodig, een plek om zich veilig te voelen. Volgens mij is het de hoogste tijd dat heel hurend Nederland in actie komt, de straat op gaat. Misschien hoor ik bij een onzichtbare groep mensen nu ik vaak apathisch ben.” 

“Iedereen kent de term ‘haves & have nots. Ik zeg: “can do & can not do”. Het huidige beleid maakt dat mensen die niks hebben ook niks kunnen. Niemand die druk is met een basisvoorwaarde om te overleven, wat een thuis is, komt toe aan leven. In wat voor land leven we als we denken dat dit systeem normaal is? De opgelegde verhuizing heeft me enorme spanningsklachten bezorgd. Ik heb vaak pijn in mijn nek en heb ook aanvallen van hyperventilatie gehad. Van een werd ik ’s nachts wakker. Ik dacht dat ik stikte en belde 112. Toen de arts vroeg naar spanning in mijn leven, begreep ik de oorzaak. Die kan geen dokter wegnemen.” 

“Natuurlijk moet ik door. Ik lever een overlevingsstrijd. En de onderhandelingen met Vestia over het sociaal plan gaan door. Corona vertraagt het proces. Dat ik hier zodoende wat langer kan wonen is enerzijds fijn, maar anderzijds leef ik zo langer in onzekerheid. Zodra het plan door iedereen is ondertekend, kan de sloop beginnen. Ik zou graag in de koude, Noorse natuur zijn, maar misschien meld ik me aan bij Recht op de stad.” 

Fiets mee op 1 mei: Resist!Rejoice!Ride!

Op zaterdag 1 mei, Dag van de Arbeid, fietst Recht op de stad mee met Resist!Rejoice!Ride! – een fietsdemonstratie die arbeidersstrijd en huisvestingsstrijd samenbrengt en laat zien hoe belangrijk gemeenschaps- en solidariteitsopbouw zijn in het verzet tegen gentrificatie en het bestrijden van de toenemende ongelijkheid in de stad. We fietsen door buurten die zich hebben georganiseerd tegen het gentrificatiebeleid, en langs gemeenschapsruimtes die discussies voor collectief verzet op gang hebben gebracht.

  • Verzamelen 12:30 uur, Afrikaanderpark (vanaf het Afrikaanderplein door de hekken heen)
  • Start fietstocht: iets voor 13:00 uur
  • Eind: 14:00 uur, Schouwburgplein, centrum

Voor updates, volg hier het Facebook-evenement

Resist!Rejoice!Ride! wordt georganiseerd door Cultural Workers Unite, BPW Rotterdam en Rotterdam voor 14.

Bewoners maken bezwaar tegen de Rotterdamwet

In februari heeft minister Ollongren van BZK op verzoek van de gemeenteraad besloten tot aanwijzing van 24 straten in het gebied Feijenoord die in aanmerking komen voor toepassing van de zogenaamde Rotterdamwet. Dat besluit houdt onder meer in dat alleen mensen met een bepaalde sociaaleconomische status in aanmerking komen voor een huurwoning in de aangewezen straten in de wijken Feijenoord, Afrikaanderwijk, Hillesluis, Bloemhof en Vreewijk.

Feijenoord-bewoners Ype Akkerman en George Verhaegen hebben samen met een derde bewoner bezwaar gemaakt tegen dit besluit. In hun bezwaarschriften, die zijn ingezien door Recht op de stad, beargumenteren de bewoners dat de onderbouwing door de gemeente voor aanwijzing van de gebieden “kant noch wal raakt”.

Verwaarlozing

Zo wijst de gemeente op criminaliteit, illegale bewoning, verouderde woningvoorraad en passiviteit van bewoners, en stelt zij dat de gemeente er alles aan gedaan heeft die problemen aan te pakken. De minister gaat daarin mee. In hun bezwaarschriften stellen de bewoners dat de gemeente bepaald niet tot het uiterste gegaan is om deze problemen aan te pakken. Zij constateren dat juist sprake is van ernstige tekorten op sociaal beleid en van verwaarlozing. Terwijl het hier nu net over ‘focuswijken’ gaat.

Bovendien, hadden we na 10 jaar NPRZ-beleid niet mogen verwachten dat die wijken er veel beter voor staan, vragen de bewoners zich af. En is de analyse van de gemeente niet veel meer aanleiding om het beleid op deze terreinen te versterken in plaats van een beroep te doen op de Rotterdamwet? Dit verwijt treft niet alleen de gemeente maar ook de minister, als belangrijke partner van de gemeente in het Nationaal Programma Rotterdam Zuid (NPRZ) en dus medeverantwoordelijke voor deze verwaarlozing.

Democratisch tekort

Verder wijzen de bewoners erop dat de burgers in deze wijken op geen enkele wijze geraadpleegd zijn, zelfs niet via de wijkraden. Dat is een democratisch tekort dat in tegenspraak is met de roerende verhalen van de gemeente Rotterdam over meer burgergerichtheid. Het past volgens de bewoners volledig “in het gebruikelijke gemeentelijk patroon van ‘voor u, over u en zonder u’” – een patroon waarvan de bewoners toch eindelijk eens mogen verwachten dat die doorbroken wordt.

Kort en goed vinden deze bewoners de beslissing van de minister om Feijenoord aan te wijzen voor toepassing van de Rotterdamwet “een brevet van onvermogen van de partners in het NPRZ, in het bijzonder de gemeente en de minister.” Ze doen dan ook een dringend beroep op de minister om haar beslissing in te trekken.

Het is overigens niet helemaal duidelijk wie er bezwaar kan maken tegen het besluit van de minister, maar de bewoners betogen dat niet alleen de gemeente hier belanghebbende is, maar ook de bewoners van de aan te wijzen gebieden. Het ministerie van BZK heeft de bezwaarschriften in goede orde ontvangen en laat nog weten hoe ze behandeld zullen worden.

Achtergrond

Het besluit van de minister is hier te vinden (pdf). Ook in de gebieden Delfshaven, Charlois, IJsselmonde, Kralingen-Crooswijk, Hillegersberg-Schiebroek, Overschie en Prins-Alexander zijn straten aangewezen waar de Rotterdamwet (voluit: Wet bijzondere maatregelen grootstedelijke problematiek) geldt. Het gaat om artikel 9 (voorrang verlenen aan huurders met bepaalde sociaaleconomische kenmerken) en artikel 10 (screening van kandidaat-huurders op overlast en crimineel gedrag). In het coalitieakkoord 2018-2022 is overeengekomen dat de inzet van artikel 8 (het weren van huurders die een bijstandsuitkering ontvangen) niet wordt verlengd.

Om discriminatie van mensen met een laag inkomen uit te bannen wil Recht op de stad dat de toepassing van de Rotterdamwet wordt geschrapt (lees hier het ‘Het betere plan voor wonen‘). Deze week schreef Gwen van Eijk, mede-initiatiefnemer van Recht op de stad, een kritisch opinieartikel over de Rotterdamwet en de Leefbaarometer, het instrument dat door de minister en de gemeente wordt gebruikt om toepassing van de Rotterdamwet te onderbouwen. Lees het hier: ‘Stopt de overheid nu zelf ook met het discrimineren van huurders?’

Helmuth (77): “Mijn zinnen verzet ik met mijn foto’s”

In de serie ‘Wonen in blessuretijd – verhalen van Rotterdammers’ interviewen we bewoners over hun persoonlijke wooncrisis. Deze keer het verhaal van Helmuth in Pompenburg.

(Foto: Joke Schot)

“Twaalf jaar geleden zochten mijn vrouw en ik een mooie, laatste woning. We waren samen zes keer verhuisd, waarvan twee keer wegens een renovatie. Veel woningen bezochten we. In deze voelden we ons direct fijn. Het uitzicht is geweldig en een vorige bewoner had een mooie keuken achtergelaten. Wij hebben een parketvloer toegevoegd, perfect voor de kat. Ondertussen zijn mijn vrouw en de kat overleden, maar ik woon hier nog steeds heel graag met leuke buren uit allerlei culturen. Met plezier zet ik me maatschappelijk in. Zo doe ik op mijn balkon mee aan een onderzoek door de luchtkwaliteit te meten en heb ik subsidie geregeld voor gezellige samenkomsten van bewoners in de binnentuin. Nu we ons hebben verenigd tegen de sloop van Pompenburg, maak ik bij de bijeenkomsten foto’s.” 

“Via Facebook kreeg ik vorig jaar het bericht over de sloop. Daar schrok ik flink van. Meteen begon ik een gesprek met een buurvrouw. Met nog wat andere buren zijn we lawaai gaan maken, want als de zaak voor de rechter komt moet die niet kunnen zeggen dat we niets hebben gedaan. Eens in de twee weken komen we bijeen. Binnenkort kunnen we inspreken voor de commissie Bouwen, Wonen en Buitenruimte. Ik wil me daar ook voor opgeven. Wat ik ga zeggen weet ik nog niet, maar ik zal vooral de stress die een verhuizing me bezorgd benadrukken.” 

“Sinds ik weet van de sloopplannen, heb ik kopzorgen. Een paar maanden geleden heb ik een dag in het ziekenhuis doorgebracht vanwege pijn in mijn borst. Waarschijnlijk kwam die door de spanning. Als ik de kasten met boeken en tijdschriften om me heen zie, denk ik aan alle rompslomp om die uit elkaar te halen en de moeilijke keuzes die ik zal moeten maken over wat weg moet. De uitkomst van een simpele rekensom op basis van de nieuwbouwplannen is dat de nieuwe appartementen kleiner zullen zijn dan deze, dus kan ik niet alles houden. Eigenlijk zie ik hier terugkomen sowieso niet zitten. Ik woon in het gedeelte waarvan de bewoners eerst naar een wisselwoning moeten. Liever dan twee keer verhuizen, ga ik naar Drenthe, ondanks dat ik een echte Rotterdammer ben. Mijn zinnen verzet ik met mijn foto’s. Ik ben bezig mijn hele negatievenarchief te scannen voor het gemeentearchief en in september is de presentatie van mijn boek Mens in Rotterdam in Donner.” 

“Dat ik geen zin heb om te verhuizen, is niet de enige reden waarom ik tegen sloop ben. Nog niet zo lang geleden zijn de ramen en het ventilatiesysteem opgeknapt. Het gebouw verkeert in heel goede staat. Sloop is dus kapitaalvernietiging. Bovendien gaat door de geplande nieuwbouw de WOZ-waarde omhoog. Havensteder zal de huurprijzen behouden, maar de hogere belasting zal hier wonen duurder maken. En dat dus voor kleinere woningen.” 

“Wethouder Kurvers wil zo veel mogelijk woningen. In de nieuwe torens wil hij daarom zelfs ‘woningen’ van maar dertig vierkante meter. Dat hij de Parkhaven volgebouwd wil, is trouwens schandalig. Van de drie torens die hij hier wil laten herrijzen, moeten twee woningen in het dure segment bevatten. Die worden minder aantrekkelijk dan hij denkt, door te veel uitlaatgassen en wind. Voor aanvang van de bouw wordt slechts een globale windberekening gemaakt. Die zal tijdens de bouw te rooskleurig blijken, maar dan is het te laat.” 

“In de wethouder heb ik geen vertrouwen, maar in Havensteder wel. De corporatie lijkt een afwachtende houding te hebben. Volgens mij wil zij ook niet dat Pompenburg wordt gesloopt. Ik heb dus nog hoop. De kans dat de plannen niet doorgaan, schat ik op vijftig procent.” 

Nel: “De afgelopen veertien jaar heb ik bij mijn vriendin in Hoogvliet gedoucht”

In de serie ‘Wonen in blessuretijd – verhalen van Rotterdammers’ interviewen we bewoners over hun persoonlijke wooncrisis. Deze keer Nel (67) uit de Veldstraat.

© foto Joke Schot april 2021

Op 13 april berichtte AD dat de laatste bewoners uit de Veldstraat in verzet komen tegen de sloop van hun koophuizen. De huizen zijn oud, maar verkeren in goede staat. De uitkoopsom is niet toereikend om elders in de buurt een vergelijkbaar huis te kunnen kopen, terwijl deze bewoners keurig passen binnen het NPRZ-beleid dat stuurt op gemengde buurten die plaats bieden aan stijgers op de woningmarkt. Deze eigenaren gingen bij de Raad van State in beroep tegen het bestemmingsplan dat 14 huur- en koopwoningen in het sociale segment vervangt door 11 grotere woningen in de vrije sector middenhuur. De gemeente en woningcorporatie Havensteder willen niet dat er eigen bezit terugkeert op deze plek.

Recht op de stad nam poolshoogte in de Veldstraat en maakte kennis met Nel, die het grootste deel van haar leven in dit deel van de straat heeft gewoond, in een sociale huurwoning uit 1913, die tot op de laatste draad is versleten. Wie haar huis betreedt komt in een realiteit die ettelijke decennia achterloopt bij de hedendaagse normen. In bouwkundig opzicht balanceert het pand op de grens van bewoonbaarheid. Gezien door de bril van deze tijd, roept het associaties op met de vooroorlogse Zandstraat. Het verval wordt fraai gecamoufleerd door de decoratieve inrichting van het huis.

De sfeervolle achtertuin, ingeklemd tussen muren en schuttingen, is ingericht met een terras, borders en een gezellig zitje. De bodem is bedekt met een betonvloer, die in het verleden is aangelegd voor de opslag van een loodgieter. Een deel van de omgeving is zwaar verwaarloosd. Aangrenzende achtergevels zijn vervallen. De verzakking is duidelijk te zien. De bomen en struiken zijn al lange tijd niet meer onderhouden. Vooral duiven bevolken deze desolate arena.

Het is al 30 jaar bekend dat ze dit rijtje gaan slopen, want renoveren is allang geen doen meer. De boel is verzakt waardoor de muren zijn gescheurd en de ramen niet meer open kunnen. Havensteder zat in de maag met enkele particuliere eigenaren die hier willen blijven wonen. Daarom heeft het zo lang geduurd. De overige bewoners zijn allemaal weg.

Ik ben geboren in Bloemhof. Tot mijn 22-ste jaar woonde ik in de Eerste Balsemienstraat en de Egelantierstraat. Dat waren kleine huizen. Toen ik uit huis ging woonde ik een tijdje op kamers. Daarna kreeg ik een bovenwoning in Hillesluis, met twee huishoudens op een trap. Deze woning in de Veldstraat heb ik in 1983 gekregen via mijn hartsvriendin, die hier op de eerste etage woonde.

Toen ik hier kwam waren deze woningen in bezit van de Gemeentelijke Woningstichting. Havensteder nam het over en had al direct plannen om te gaan slopen, maar daar was geen geld voor. In al die jaren is er niets meer aan deze woning gedaan. Voor reparaties hadden ze geen geld over.

Twintig jaar geleden is mijn vriendin naar Hoogvliet verhuisd. Haar woning werd antikraak en daarna nog een tijdje ingezet voor begeleid wonen. Nu staat het al vijftien jaar leeg. De woning hiernaast was ook antikraak. Een tijdlang woonden er verpleegsters. Daarna een stel dat voortdurend slaande ruzie had. Die zijn er uitgezet. Daarnaast woont nu nog steeds iemand antikraak. Dan zijn er nog die koopwoningen en de rest staat leeg. Directe buren heb ik al jaren niet meer.

Drie jaar geleden is de dakkapel kapot gewaaid en ontstond er een enorme lekkage. In de gang stroomde het water langs de muren naar beneden en nam het een deel van het behang mee. Het ziet er niet uit. Het zeiltje dat door Havensteder op het dak werd geplaatst hielp niet. Daarna hebben mijn overburen de boel beter ingepakt.

De bovenwoningen kampen al heel lang met vochtproblemen. De achtergevels zijn poreus waardoor het vocht door de muren heen sloeg en er zich veel schimmel ging vormen. Om die reden zijn de meeste bewoners al zo’n twintig jaar geleden vertrokken. De tegelwand in mijn douche lekte waardoor de muur en de vloer eronder helemaal zijn weggerot. Het water liep zo de gang in. De afgelopen veertien jaar heb ik bij mijn vriendin in Hoogvliet gedoucht.

Vroeger was dit huis ‘voor-tussen-achter’ met een piepklein keukentje en woonde hier een gezin met 10 kinderen. Hoe konden die mensen zo leven. Later is het verbouwd tot twee kamers en werd de keuken uitgebouwd. De kamers zijn nog geen drie meter breed. In de slaapkamer kan ik mijn kont bijna niet keren. Ik heb hier altijd alleen gewoond. Als je hier met z’n tweeën zou zitten wist je niet meer waar je je spullen moest laten. Dit huis is ook te klein om veel visite te ontvangen.

Vroeger woonde ik hier plezierig, maar ook de buurt is achteruit gegaan. Als je ziet wat een zooitje er op de Strevelsweg zit. Vroeger was dat echt een nette buurt. Nu is het verpauperd. Behalve dat de stoep voor mijn deur dagelijks is bezaaid met afval, is er weinig overlast.

Een vroegere buurman kreeg een huurverlaging. Die heb ik toen ook aangevraagd, maar daar moest ik erg lang op wachten. Uiteindelijk  kreeg ik die korting veertien jaar geleden via de huurcommissie wel en werd mijn huur gehalveerd tot 100 euro.

Tien jaar geleden kwam Havensteder met het verhaal dat de sloop nu echt naderbij kwam. Er werd me een woning aangeboden in een ouderencomplex. Daar had ik helemaal geen zin in. Toen kreeg ik een urgentieverklaring, maar met de sociale uitkering die ik ontving, kon ik alleen reageren op woningen tot 590 euro. Onder dat bedrag kon ik niets vinden. Sinds vorig jaar ontvang ik AOW en kan ik tot 633 euro gaan, maar ook daar krijg je bijna geen woning voor.

Iedere dag bekijk ik het aanbod, maar dat is heel weinig en de meeste huren zijn te hoog. Ik heb dan wel een urgentie, maar ja… Hopelijk verandert dat als de corona voorbij is. Het is fijn dat ik een verhuisvergoeding ontvang. Daar heb ik op gewacht. Hopelijk vind ik een benedenwoning of een flat met een ruim balkon.

Ik vertrek hier vrijwillig en wil hier echt graag weg. Dit is een heel koud huis. Voor de winter hoop ik weg te zijn. Aan de kant van Poortugaal en Hoogvliet zitten al mijn vrienden en kennissen. Hopelijk vind ik een driekamerwoning, zodat ik een kamertje heb om kleding te maken. Mijn huis staat vol met spullen voor mijn nieuwe huis.

De huizen aan de overkant van de straat zijn twintig jaar geleden gesloopt. Dat terrein raakte overwoekerd met onkruid. Op een gegeven moment maakte Havensteder daar een tuin. Daar kon je in als het hek open was, maar dat hek was bijna nooit open en dat tuintje kon je alleen bereiken via een soort oerwoud.

Drie jaar geleden zijn er wat geveltuintjes aangelegd en op de ramen van leegstaande huizen zijn fotopanelen geplaatst om de boel hier nog een beetje leefbaar te laten lijken.

In vroeger jaren was dit een gezellig buurtje. Zomers zaten we allemaal buiten en speelden de kinderen met water. Nu ben ik nog de enige die buiten zit. In de zomer zit ik een groot deel van de dag in mijn achtertuin. Verder zie je geen mens. Het heeft te lang geduurd.

© Roland Huguenin april 2021

© foto Roland Huguenin april 2021

Beeldverslag ‘Wake up Rotterdam: wonen voor iedereen’

Wake up Rotterdam! Op maandag 19 april waren we de hele dag in de Tweebosbuurt om de bewoners te steunen en om te protesteren tegen het Rotterdamse woonbeleid. Met deze actie hopen we dat ook andere Rotterdammers wakker worden en beseffen: dit woonbeleid gaat nog veel meer mensen raken. Het moet en kan beter.

Veel dank aan iedereen die maandag naar de Tweebosbuurt kwam!

We waren om 6 uur bij het ontwaken van de dag aanwezig voor een eerbetoon aan de Tweebosbuurt en haar bewoners. In de De la Reystraat projecteerden we op een muur portretten van bewoners (Menno Janssen) en van de buurt (Joke Schot) en de verbeelding van een mogelijke toekomst voor de Tweebosbuurt.



Terwijl we de spandoeken ophingen, begonnen werklui met de voorbereiding van de sloop van de woningen aan de De la Reystraat. Hart van Nederland was er ook vroeg bij en deed verslag van de eerste Rotterdammer die een bloemetje voor de bewoners langs bracht.



In de loop van de ochtend en middag kwamen meer mensen langs om een bloemetje of boodschap achter te laten voor bewoners. Eind van de ochtend speelde firma Ongeregeld een lunchconcert.




Aan de bouwhekken hingen banners van het project Rotterdam. Is It Happening?

Eind van de middag droeg Tweebosser Ahmed Abdillahi zijn Vers Beton-column voor, “Het is tijd voor verontwaardiging.” Mensen die langskwamen schreven boodschappen voor bewoners op briefjes, die we bevestigden aan de bouwhekken.

Dichter/kunstenaar Gilbert van Drunen (Koffie & Ambacht, Carnisse) droeg uit eigen werk voor:

een netwerker roert zich
in de showbizz
van m’n achterstandswijk
op zoek
naar winbare sympathie
om zo grip te krijgen
op een commercieel potentieel
zoals Hollywood zich
indertijd bewoog
met tussenbeelden
te snel voor
een eerste indruk
maar
effectief genoeg
om frisdrank-omzet
in de pauze
op te krikken
dat werd
als onwenselijke inbreuk
op ons bewustzijn
verboden
wat ik met
inzetbare meningen on demand
hier op Rotterdam Zuid
nog niet zo snel
zie gebeuren

Lennart Wildeboer droeg zijn gedicht ‘Harteloze stad’, dat hij speciaal voor de Tweebossers schreef, voor:


In de avond liep een stoet mensen een ronde door de buurt. Klaas Hekman bracht een hommage aan mevrouw Pelger.

Performancekunstenaar John Giskes deed een act als Don Quichot die de strijd aanbindt met het kwaad uit de stad, begeleid door saxofonist Dick Ronteltap (beeld volgt).

Bij het vallen van de avond toonde kunstenaar/onderzoeker Carlijn Kingma haar werk ‘De Babylonische Toren van de Moderniteit’. Het werk kwam tot stand in samenwerking met Stad in de Maak. Je kunt het verhaal bij het werk hier bekijken.


We projecteerden nogmaals, nu met publiek erbij, de foto’s van de bewoners en van de buurt, en de verbeelding van een mogelijke toekomst voor de Tweebosbuurt door Red Vooroorlogs Tweebos. In de video onder zie je steeds een straatbeeld in huidige staat, gevolgd door een straatbeeld zoals het eruit zou kunnen zien na renovatie.

We sluiten af met een geWOONvlog door Wim Wiegmann voor Wijk TV.


Wake up Rotterdam werd georganiseerd door bewoners van de Tweebosbuurt, Recht op de stad, Cultural Workers Unite, Bond Precaire Woonvormen Rotterdam en Rotterdam voor 14.

‘Wake up Rotterdam: wonen voor iedereen’ in het nieuws:

RTV Rijnmond, Van vroeg tot laat protesten als laatste eerbetoon aan de Tweebosbuurt bij de start van de sloop

NOS, Sloop huizen Rotterdam na jaren protest: ‘Alsof een stuk uit mijn hart wordt gesneden’

OPEN Rotterdam, Veel protest op eerste sloopdag huurwoningen Tweebosbuurt: “Stukje van mijn hart wordt afgesneden”

Hart van Nederland, Sloop Tweebosbuurt begonnen (tv/video)

PowNed, Volksbuurt 010 moet wijken voor rijken (video)

Algemeen Dagblad/RD, Bewoners Tweebosbuurt protesteren en houden minuut stilte: ‘Ik blijf knokken voor mijn woning’ (video)

NU.nl, Bewoners Tweebosbuurt protesteren tegen Rotterdams woonbeleid

Trouw, Rotterdamse Tweebosbuurt kwaad over sloop: ‘Arbeiders worden weggedrukt door mensen van buiten de stad’

Telegraaf, Verdriet om sloop van Tweebosbuurt (pdf hier)

NRC, Slopen onder protest

Mede-initiatiefnemers Mustapha Eaisaouiyen en Gwen van Eijk publiceerden op maandag op opiniewebsite Joop.nl het artikel Sociale huurders hebben ook recht op huisvesting

VPRO Tegenlicht zoekt beste woonpionier: onze stemtips!

Van 21 april tot 5 mei kan iedereen bij VPRO Tegenlicht stemmen op de beste ‘woonpionier’ die ons uit de wooncrisis gaat helpen.

VPRO Tegenlicht vat in 2021 het woningtekort bij de horens en zoekt woonpioniers die versneld de wooncrisis uit willen. Wie draagt bij aan het creëren of bouwen van 1 miljoen betaalbare woonplekken? En straks is het tijd om te stemmen! Welk idee vind jij het beste? Het mooist, of het meest effectief?

Wij hebben natuurlijk suggesties, want Rotterdam heeft bepaald geen gebrek aan goede ideeën en initiatieven, zoals deze twee mede-initiatiefnemers van Recht op de stad:

  • De Unie Van en Voor de Wielewaalers: Tuindorp Wielewaal is een ontwerp van bewoners dat de naoorlogse woningen vervangt door duurzame woningen die betaalbaar en levensloopbestendig zijn, en snel kunnen worden gebouwd met behoud van de oorspronkelijke stedenbouwkundige opzet van de wijk. Lees meer op de site van de VPRO.
  • Het Rotterdams Woongenootschap: Wonen als gebruiksgoed, niet als handelswaar. Geen niche, maar noodzaak. Na vier jaar pionieren in Rotterdam zijn de voorwaarden voor een succesvolle wooncoöperatie scherper dan ooit. Lees meer op de site van de VPRO.

Ook Recht op de stad heeft ‘Het betere plan voor wonen in Rotterdam’ aangemeld, lees meer hier.

Stemmen voor de publiekswinnaar kan nu via de VPRO-website.

Naast een publiekswinnaar kies een vakjury op 12 mei uit de inzendingen de Tegenlicht-pionier van 2021 tijdens een feestelijke finale in Pakhuis de Zwijger. Van de winnende projecten maakt Tegenlicht een videoreportage voor op hun site.

19 april: Wake up Rotterdam – wonen voor iedereen!

Op maandag 19 april start de sloop van de Tweebosbuurt. De buurt is in de afgelopen jaren het symbool geworden voor alles wat er mis is met het Rotterdamse woonbeleid: de afbraak van sociale huurwoningen, discriminatie en uitsluiting, gebrek aan zeggenschap voor bewoners.

Recht op de stad organiseert samen met Cultural Workers Unite, Bond Precaire Woonvormen Rotterdam en Rotterdam voor 14 een dag voor een beter en eerlijker woonbeleid.

We zijn er bij het ontwaken van de dag, om 06:00 uur, om een eerbetoon aan de buurt te geven. We blijven de hele dag tot de avondklok, om de bewoners te steunen en uit protest tegen dit woonbeleid.

Kom je op 19 april even langs in de Tweebosbuurt? We vragen iedereen om een bloem, briefje of ander ‘ruggesteuntje’ voor de bewoners mee te nemen en achter te laten.

  • Wanneer: maandag 19 april, van 06:00 tot 21:45 uur
  • Waar: Tweebosbuurt, hoek De la Reystraat/Martinus Steijnstraat

Volg voor updates het event op onze Facebook-pagina.

Rotterdamse huurdersorganisaties willen herziening Woonvisie

De vijf grootste huurdersorganisaties – van Havensteder, SOR, Vestia, Woonbron en Woonstad – roepen wethouder Kurvers (Bouwen en Wonen) op om de Woonvisie te herzien. In een brief schrijven zij dat “de cijfers die de Woonvisie nu hanteert niet reëel zijn”.

Het doel van de Woonvisie om het aantal sociale huurwoningen te verminderen wordt na enkele jaren uitvoering zichtbaar op de Rotterdamse woningmarkt: het aantal sociale huurwoningen is afgenomen, het aantal woningzoekenden is gestegen, de slaagkans voor een sociale huurwoning daalde van 14,6% in 2016 naar 6,7% in 2020 en het aantal gemiddelde reacties op een huurwoning steeg van 71 in 2016 naar maar liefst 325 in 2020, schrijft de Klantenraad Woonstad Rotterdam in een toelichting op de brief.

De gemeente Rotterdam “hanteert al jaren veel te rooskleurige cijfers” over de sociale woningvoorraad, aldus de vijf huurderskoepels. Zo rekent de gemeente ook particuliere huurwoningen en koopwoningen mee, maar “de gemeente heeft in het geheel geen regie of zeggenschap over deze laatste groepen.” Ook legt Rotterdam de grens voor een sociale koopwoning veel hoger dan andere grote steden.

Koopwoningen tot 220.000 euro, los van de stijging van de prijzen, zijn niet beschikbaar voor mensen met een minimum inkomen en voor wie de sociale woningbouw bedoeld is, omdat zij geen hypotheek kunnen krijgen. Ook voor middeninkomens is het kopen van een woning erg lastig. Deze woningen zouden daarom niet meegeteld mogen worden.

Verder is “het aantal actief woningzoekenden met zo’n 26.500 fors toegenomen: van 45.512 tot 71.929 in 2019. Desondanks blijft de gemeente vasthouden aan de Woonvisie.”

De huurderskoepels signaleren ook onvrede onder hun huurders:

De onvrede onder de Rotterdamse huurders groeit. Verschillende bewonersgroepen presenteerden onlangs het initiatief ‘Recht op de Stad’ waarin ook zij oproepen tot een aanpassing van het woonbeleid. Volgens de huurders gaat het huidige beleid ten koste van de zoekende en zittende Rotterdammers. Zij voelen zich niet meer welkom in hun eigen stad.

De huurdersorganisaties vragen nu om herziening van de Woonvisie omdat binnenkort de gesprekken tussen de gemeente, de woningbouwcorporaties en de huurderskoepels starten over de prestatieafspraken voor de komende twee jaar. De Woonvisie is het wettelijk kader voor deze afspraken. “Het vasthouden aan de niet meer kloppende normen uit de Woonvisie beperkt de mogelijkheden om tot een goede set prestatieafspraken voor onze huurders te komen,” aldus de huurderskoepels.

De zorgen over de sociale woningvoorraad sluiten aan bij ons betere plan voor woonbeleid (zie punt 3).

Lees hier de hele brief van de vijf huurdersorganisaties.

Robin (54): “Ik laat me niet wegschofferen!”

(Foto: Joke Schot)

In de serie ‘Wonen in blessuretijd – verhalen van Rotterdammers’ interviewen we bewoners over hun persoonlijke wooncrisis. Deze keer het verhaal van Robin uit Gerdesia-Midden.

“De brief begint met ‘Zoals je weet zijn deze huizen in slechte staat.’ Dat is misleiding, heel sneaky, want zoals ík weet zijn deze huizen helemaal niet in slechte staat. Ik heb het hier al tien jaar prima naar m’n zin. Ik heb het niet koud, want er is geen tocht. Er is wat gehorigheid, ja, maar dat hebben alle huizen. De ruimte is heerlijk. Behalve wonen, kan ik hier schilderen en muziek maken. Zoveel vierkante meters zal ik met mijn budget niet meer krijgen. Hoe kan ik werken als ik alleen maar een woonkamer, een slaapkamer, een keukentje en een douche heb? Als Kralinger wil ik niet naar een andere buurt. De woningschaarste is nu enorm, dus ik vraag me af waar ik naartoe moet. Ík wil beslissen wanneer ik wegga. Ik laat me niet wegschofferen!” 

“Eind juli, precies als iedereen net op vakantie is, kreeg ik die brief onder ogen. ‘Oh shit!’, dacht ik. Ik heb direct een keiharde, sterke e-mail naar Woonstad gestuurd en vervolgens gebeld om te zeggen hoe pissed off ik ben. In dat gesprek vertelde de projectleidster me dat ze hier nog nooit is geweest … Wat?! Daarna ben ik me flink in gaan lezen en aantekeningen gaan maken over wat de regels zijn. Ondertussen ben ik samen met een bevriende schrijver bezig aan een brief. Daar komt ieder detail dat niet klopt, alles wat sinds juli mis is gegaan, in te staan. Het wordt een heel lange brief die ik behalve aan Woonstad ook aan justitie en de media zal sturen.” 

“Woonstad schreef onderzoek te hebben gedaan. Vanaf het begin heb ik gevraagd om dat onderzoek en de klachten te zien, maar daar heb ik nog steeds geen antwoord op gekregen. Volgens de nieuwsbrief van september was een beslissing nog niet genomen, maar medewerkers van Woonstad hadden aan de gebiedscommissie toen al doorgegeven te gaan slopen. Toen ik dat hoorde, was ik even in een zwarte wolk. In de brief van januari staat wat Woonstad allemaal niet heeft gedaan, zoals schilderen. De lijst van dingen die niet zijn gedaan maar juist wel hadden moeten gebeuren is lang. Achterstallig onderhoud – dat doet Woonstad expres – is wat anders dan een slechte staat. In de brief van maart staat: ‘Wij hebben meerdere keren geprobeerd om met de bewonerscommissie in gesprek te komen. Dat is niet gelukt.’ Wíj hebben vaak geprobeerd contact te maken, maar de projectleidster kwam niet opdagen toen we een afspraak hadden waarvoor mensen vrij hadden genomen. Het is dus precies andersom. De corporatie beweert dat het dak lekt, maar het dak is prima.” 

“Bij herlezing van de brieven draait mijn maag zich om. De communicatie gaat op zo’n schofterige manier. Nagenoeg alles is gebaseerd op leugens. Veel mensen voelen zich er machteloos tegenover. Ik kom voor mezelf op. Gelukkig heb ik Pentjak Silat gedaan en gebokst, dus heb ik geleerd goed adem te halen en te ontspannen. En ik kan schrijven. Al twintig jaar houd ik een dagboek bij waarin ik dingen van me af kan schrijven. Bovendien is leuke muziek en schilderijen maken tien keer belangrijker dan de strijd met de wooncorporatie.” 

“Volgens de planning van Woonstad eindigt de uitverhuizing in 2024. De corporatie doet alsof dat definitief is, maar dat is het niet. Vooralsnog hebben we geen peildatum gekregen. Die moeten we op tijd krijgen om tegen sloop in beroep te gaan. Deze hele zaak gaat voor de rechter komen. Die sloop gaat niet gebeuren!” 

Pagina 17 van 21

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema door Anders Norén